Intriges, machtsspelletjes en de opkomst van Starmer - twee boeken onthullen een decennium Labour van binnenuit.
Get In. The Inside Story of Labour under Starmer verscheen in februari van dit jaar en volgt op 'Left Out. The Inside Story of Labour under Corbyn' dat in 2020 het daglicht zag. Left out beschrijft de neergang van Corbyn tussen 2017 en 2019, terwijl Get In de opkomst van Starmer beschrijft. Met deze twee werken bieden de journalisten Patrick Maguire en Gabriel Pogrund een knap overzicht van Labour gedurende de laatste tien jaar.
Zijn de boeken het lezen waard? Ze hebben weinig aandacht voor beleid en zijn kwistig met interne strijd. Hoewel de hoofdpersonages vandaag Groot-Brittannië besturen, moet je toch een buitengewone interesse hebben in interne partijpolitiek om er twee boeken over te lezen. Die interesse wordt wel een handje geholpen door het buitengewone schrijftalent van beide journalisten. Ze slagen er met cliffhangers en scherpe karakterschetsen in spanning en humor te injecteren in het reilen en zeilen van de politieke partij die vandaag de lakens uitdeelt in het Verenigd Koninkrijk en dat hopelijk nog lang zal doen.
De Labour-leden kozen in 2015, tot ongenoegen van het partijkader, de linkse backbencher Jeremy Corbyn tot hun voorzitter. Terwijl Left Out concentreert op de machtsstrijd binnen Labour tussen dit kader en het team rond Corbyn, volgt Get In vooral Morgan McSweeney die de drijvende kracht achter de overwinning van Starmer was en vandaag nog steeds zijn kabinetschef is.
De Ierse McSweeney werd begin 21ste eeuw politiek gevormd als succesvolle Labour campagne-organisator. Zijn voorkeur ging toen al naar het meer conservatieve 'Blue Labour' dat volgens hem dichter aanleunt bij de bezorgdheden van het electoraat. Die voorkeur hangt samen met een afkeer voor extreemlinks, wat hem Labour vaarwel doet zeggen wanneer Jeremy Corbyn in 2015 voorzitter wordt.
Toch slaagt hij erin om Jeremy Corbyn enkele jaren later van binnenuit ten val te brengen. Hoe deed hij dat? Enkele belangrijke financiers, zoals Trevor Chinn, richtten een denktank op waar Morgan McSweeney de leiding van kreeg. Ogenschijnlijk steunt deze instelling Jeremy Corbyn, maar eigenlijk zaagt McSweeney de poten van onder zijn stoel.
De oprichting van de denktank onthult een belangrijk element in de Britse politiek: de invloedrijke rol van geld. Het kost behoorlijk wat om een denktank uit de grond te stampen. Maar als je dan nog weet dat die denktank meer uitgaf aan opiniepeilingen dan de Conservatieven en Labour samen, dan wordt duidelijk welke bedragen zijn uitgegeven om Jeremy Corbyn weg te krijgen.
De verdoken anti-Corbyn campagne van Labour Together baadt in een diepe poel van intern verzet bij Labour tegen Corbyn.
De verdoken anti-Corbyn campagne van Labour Together baadt in een diepe poel van intern verzet bij Labour tegen Corbyn. De parlementaire fractie en het partijpersoneel ondernemen zelfs een mislukte coup tegen hem na de Brexit in 2016. Een voortdurende stroom lekken vanuit het partijhoofdkwartier probeert Corbyn in een slecht daglicht te zetten. Tijdens de verkiezingscampagne van 2017 steunt de partijtop zonder medeweten van de voorzitter financieel vooral Labour-kandidaten die een afkeer hebben van Corbyn.
Ondanks het partij-establishment wint Corbyn in 2017 toch 30 zetels. Dit is hoogtepunt van de Corbynmania, met als illustratie het spreekkoor 'Oh Jeremy Corbyn' op de tonen van Seven Nations Army dat hij ontvangt op Glastonbury. De Conservatieven verliezen hun meerderheid, maar gaan een coalitie aan met de Noord-Ierse DUP. Labour verliest echter ook zes zetels in kiesdistricten die traditioneel Labour stemmen, maar massaal voor Brexit kozen.
Na de verkiezingsoverwinning in 2017 begint de conflictvermijdende Corbyn toch stappen te zetten om meer grip te krijgen op het partijkader. Zo vervangt hij de algemeen secretaris met iemand die hem gunstiger gezind is. Toch blijft het interne verzet verder duren, zowel binnen als buiten de partij.
Eén van de aanvalstactieken tegen Corbyn zijn beschuldigingen van antisemitisme. Zo kammen de medewerkers van Labour Together de sociale media van het half miljoen Labour-leden uit op zoek naar antisemitische commentaren. Die worden gebundeld en aan de pers gelekt om de indruk te wekken van een partij doordesemd van antisemitisme. Hoe vaak Corbyn zich ook nadrukkelijk uitspreekt tegen antisemitisme toch blijft het verwijt voortdurend opduiken.
In aanloop naar de verkiezingen van 2019 is Morgan McSweeney al bezig met het zoeken van een geschikte kandidaat om het tegen Jeremy Corbyn op te nemen in de voorzittersverkiezingen na de algemene verkiezingen. Zijn oog valt op Keir Starmer die meer dan bereid is zijn kans te grijpen. Langzaam verlaat Starmer, toen schaduwminister voor Brexit, de slipstream van de voorzitter door zich onder meer steeds duidelijker voor Remain uit te spreken. Hij laat de algemene verkiezingscampagne volledig links liggen om zich te concentreren op de voorzittersverkiezingen.
Theresa May wordt vervangen door Boris Johnson die van een ander electoraal kaliber is. Hij wint in 2019 de verkiezingen met de slogan 'Get Brexit Done' en veroverde talrijke traditionele Labour-zetels die voor Brexit hadden gestemd. Dat is opmerkelijk, want Corbyn is ook een voorstander van Brexit. Met man en macht bewogen onder meer de schaduwkanselier, John McDonnell de partij richting een meer anti-Brexit standpunt. Keir Starmer dreigt meermaals met ontslag. Wie echter in het midden van de weg staat, wordt overreden. Labour verloor zowel anti-Brexit kiezers aan de Libdems als pro-Brexit aan de Conservatieven.
Corbyn moet na de nederlaag aftreden en Keir Starmer wint de daaropvolgende voorzittersverkiezingen op basis van een erg links programma. De centristen rond Starmer hebben geleerd uit hun eigen sabotage. Aanvankelijk neemt de nieuwe voorzitter enkele Corbyn-getrouwen op in zijn schaduwregering, maar al gauw vindt hij excuses om hen buiten te zetten. Die zuiveringen monden uit in de schorsing van Corbyn die toen al 60 jaar lid was van Labour.
De interne democratie die Corbyn had versterkt, werd opnieuw verzwakt. Om als kandidaat op het stembiljet van de voorzittersverkiezingen te komen, moet minstens 15% van de Labour parlementairen hem of haar nomineren. Waar Corbyn deze drempel verlaagde van 15% naar 10% van de parlementairen, verhoogt Starmer deze weer naar 15%. Aangezien de parlementskandidaten centraal worden aangeduid, lijkt de centrumkoers van Labour verzekerd.
Starmer neemt afscheid van het linkse programma waarmee hij de voorzittersverkiezingen won.
Starmer neemt ook afscheid van het linkse programma waarmee hij de voorzittersverkiezingen won. Hij verlaat ook zijn anti-Brexitstandpunt en keurt de Brexit deal vanuit de oppositie mee goed. Net als Joe Biden maakt Starmer succesvol de wending van een links programma voor de voorzittersverkiezingen naar een centrumprogramma om de algemene verkiezingen te winnen om vervolgens een centrumlinks beleid te voeren.
In aanloop naar de verkiezingen wordt hij sterk geholpen door de zelfdestructie van de Conservatieve partij. Boris Johnson moet na lockdownfeestjes aftreden en ruimt baan voor Liz Truss. Zij brandde de belangrijkste traditionele electorale troef van de Conservatieven - hun geloofwaardigheid op het thema economie - in recordtijd af. Richi Sunak, de vijfde Conservatieve premier in zeven jaar, weet het beeld van chaos niet meer recht te trekken. Het pad naar de overwinning ligt open en een bijzonder voorzichtige campagne maakt Starmer premier. Bij die overwinning valt wel de lage opkomst van 59% op.
Starmer won niet enkel de verkiezing, maar voert een centrumlinks beleid met onder meer een versterking van de rechten van werknemers en huurders en een verhoging van de minimumlonen. Hij saneert de begroting met een verhoging van de werkgeversbijdragen. Toch is Starmer vandaag volgens opiniepeilingen minder populair dan Corbyn die overweegt om een andere partij op te richten. Die zal er wellicht enkel in slagen om de linkse stem verder te verdelen, terwijl extreemrechts de peilingen aanvoert. Hopelijk weet Labour zich opnieuw van binnenuit heruit te vinden.
Niels Morsink