Samenleving & Politiek

Het politieschot dat nog steeds weergalmt

Op 12 april zou Mawda 10 jaar zijn geworden. Haar verjaardag herdenken, is stilstaan bij de tijd, de liefde, het leven en de toekomst die haar hadden kunnen toekomen. Maar het is ook deelnemen aan het onvoltooide publieke rouwproces dat sinds die noodlottige nacht blijft doorwerken.

Op 17 mei 2018 werd de tweejarige Koerdisch-Iraakse Mawda Shawri doodgeschoten door een politieagent op de E42 snelweg nabij Bergen. Eigenlijk werd Mawda twee keer gedood. Eerst fysiek, door de politiekogel - in de armen van haar moeder. Daarna opnieuw, in een sociale dood, door leugens, ontkenning, schuldomkering en het systematisch ontlopen van verantwoordelijkheid door politie, justitie en politiek. Ook de media schoten ernstig tekort.

Het proces van ontmenselijking die aan de basis van haar dood ligt, bleef ook na haar dood intact. De institutionele machten hebben nooit de wil getoond om werkelijk ter verantwoording te worden geroepen. De collectieve wond blijft open.

Hoe kunnen we de betekenis dragen van Mawda's dood? In de dagen, weken en jaren daarna wezen de vele solidariteits-, herdenkings- en protestacties - gedragen door onder meer Comité Mawda Justice et Vérité, BelRefugees en #Justice4Mawda - de weg.

Dat inspireerde me. In het filmessay hold on to her (2024) zette ik een collectieve hoorzitting over de zaak-Mawda op. Ik maakte de film in de eerste plaats om de breed gedragen solidariteit die ontstond als antwoord op Mawda's dood te eren en vast te leggen in een tijdsdocument. Maar ook vanuit de overtuiging dat wij als burgers een verbindende politieke kracht hebben om het geweld van onze grenzen ondenkbaar te maken.

We beschikken over het vermogen om vormen van rechtvaardigheid te verkennen die verder reiken dan wat de rechtspraak erkent. Een collectieve zoektocht naar gerechtigheid beweegt zich van publieke erkenning en herdenking naar rekenschap en politieke strijd. Publieke rouw is de adem die dat proces gaande houdt.

Laten we eerst de feiten in herinnering brengen.

Lijdenstocht

Vanuit Ranya, in Iraaks Koerdistan, via Istanbul en na een moeilijke tocht door Europa kwamen Shamdin en Phrast en Hama, hun eerste zoon, terecht in het vluchtelingenkamp van Mönchengladbach. Phrast was op dat moment zes maanden zwanger.

Op 12 april 2016 werd Mawda geboren in een Duits ziekenhuis. De Duitse autoriteiten weigerden het gezin een woning toe te wijzen, waarna ze besloten verder te reizen. Via Frankrijk bereikten ze Groot-Brittannië, waar ze na onderschepping uiteindelijk een woning kregen in Newport. Het gezin bouwde er een nieuw leven op, en Hama kon eindelijk naar school.

Tien maanden later ontdekten de Britse autoriteiten hun vingerafdrukken in Duitsland. Volgens de Europese Dublin III-verordening moesten ze terugkeren naar het land waar ze zich eerst registreerden, en kregen ze het bevel het grondgebied te verlaten. Na echter een jaar in erbarmelijke omstandigheden in Duitsland, keerden ze terug naar Noord-Frankrijk, waar ze enkele maanden in Grande-Synthe verbleven, in de hoop terug te keren naar Groot-Brittannië. Mawda was op dat moment twee jaar oud.

Samen met andere Koerdische families vonden ze er tijdelijk onderdak in een sporthal, geholpen door vrijwilligers van het Refugee Women's Centre - een zeldzame vorm van bescherming aan de Kanaalkust. Sinds 2016 werd de streek rond Calais en Duinkerke gekenmerkt door steeds strengere, gemilitariseerde grensbewaking en het zogenoemde zéro point de fixation-politiebeleid, dat vluchtelingen moest verdrijven en onzichtbaar maken. Informele kampen - de jungles - werden gewelddadig ontruimd, terwijl toegang tot basisvoorzieningen systematisch werd afgesneden.

Mawda's dood staat niet los van het afschrikkingsbeleid aan de Kanaalgrens

Mawda's dood staat niet los van dit afschrikkingsbeleid aan de Kanaalgrens. Hoe sterker de oversteek wordt afgesloten, hoe groter de risico's voor deze dublinés die in juridisch limbo verkeren. Volgens activisten kwamen sinds 1999 minstens vijfhonderd mensen om bij pogingen het Kanaal over te steken - een aantal dat de laatste jaren sterk is toegenomen.

Mensenjacht

In het voorjaar van 2018 liep in de regio de gezamenlijke Frans-Belgische politieoperatie Hermès-Pêche-Melba, gericht op het ontmantelen van smokkelnetwerken. De samenwerking verliep moeizaam en botste met de Belgische Medusa-operatie, een politiek aangestuurde campagne tegen zogenaamde 'transmigranten'. Die spanning speelde ook in de nacht van Mawda's dood. De bestelwagen waarin het gezin en nog 26 anderen stapten, was namelijk uitgerust met een tracker van de Franse politie. De dodelijke achtervolging was dus nooit nodig geweest - zoals de betrokken hoofdinspecteur achteraf zelf toegaf aan het Comité P.

Vier dagen vóór Mawda's dood kondigde minister Jambon aan dat de acties tegen 'transmigranten' nog zouden worden opgedreven

De zogenoemde Medusa-operatie werd in 2015 aangekondigd in de beleidsnota Asiel en Migratie van de regering-Michel, als antwoord op een vermeende 'veiligheidscrisis' na de komst van ongeveer 1 miljoen mensen naar Europa. De operatie voorzag intensieve controles door politie en douane op 'transmigranten' aan de Frans-Belgische grens - in havens, op snelwegparkings en op het spoor. Zo creëerde het federale beleid een sterke prikkel tot mensenjacht op vluchtelingen, gelegitimeerd door een politiek narratief dat hun mobiliteit als veiligheidsprobleem framede. Vier dagen vóór Mawda's dood kondigde minister van Binnenlandse Zaken, Jan Jambon (N-VA), in het middagjournaal van VTM aan dat de acties tegen 'transmigranten' nog zouden worden opgedreven.

Noodlottige nacht

In de nacht van woensdag 16 op donderdag 17 mei 2018 stapten rond 23 uur Phrast, Shamdin, Hama, Mawda en anderen in een witte bestelwagen in het Franse dorp Gravelines, nabij Duinkerke. Enkele uren later merkte de wegpolitie van Namen het voertuig op een snelwegparking langs de E42 op. Vier politiewagens zetten de achtervolging in. In het busje brak paniek uit. De inzittenden sloegen het achterraam in en probeerden de agenten duidelijk te maken dat er kinderen aan boord waren.

Vlak voor Bergen, rond twee uur 's nachts, voegde een patrouille van de wegpolitie van Bergen zich bij de achtervolging. De wagen reed naast het busje. De agent op de passagiersstoel opende het raam, richtte zijn dienstwapen en vuurde. Hij gaf geen waarschuwing en volgde geen instructies. De kogel verbrijzelde het zijraam en trof Mawda in het gezicht. Ze zat op dat moment in de armen van haar moeder, vlak achter de chauffeur.

Meteen na het schot stopte de bestelwagen op de parking van de Aire du Bois de Gard. De politie hield het busje onder schot terwijl de inzittenden uitstapten. Mawda's vader hield zijn levenloze dochter in zijn armen en vroeg om een ambulance. Intussen dwong de politie de inzittenden op hun knieën op het asfalt.

Toen de ambulance arriveerde, mochten Mawda's ouders niet mee naar het ziekenhuis

Toen de ambulance arriveerde, mochten Mawda's ouders niet mee naar het ziekenhuis. Shamdin werd overmeesterd toen hij zich verzette. Alle inzittenden werden naar het commissariaat gebracht. Het gezin werd er gescheiden vastgehouden en niet verhoord. Pas de volgende nacht werden ze vrijgelaten. Ze hadden dan 21 uur in hechtenis doorgebracht. Phrast droeg nog steeds de kleren met het bloed van haar dochter.

Mawda hadden ze op dat moment nog niet teruggezien. Dat gebeurde pas de volgende dag, na de autopsie. Over hun rechten als slachtoffers werd niets gezegd. Ze kregen enkel een uitwijzingsbevel.

Politieleugens

De politie­ loog van bij het begin over de feiten. Bij aankomst kregen de arts en de verpleegster van een agent te horen dat Mawda door de inzittenden uit het achterraam van de bestelwagen was gegooid. Die leugen beïnvloedde meteen de eerste diagnose: Mawda zou zijn overleden aan een hoofdletsel na een val. Omdat de schotwonde klein was en vlak onder de neus zat, herkende de arts ze bij de eerste vaststellingen op de parking ook niet. Nochtans was het schot duidelijk te horen geweest op de politieradio. Alle aanwezige agenten wisten dus dat er geschoten was. Ook de wetsdokter, die enkel telefonisch contact had met de spoedarts, nam de diagnose van een hoofdletsel over. De substituut-procureur van het parket van Bergen volgde die versie zonder zelf ter plaatse te gaan.

Diezelfde nacht werd nog een andere leugen gefabriceerd. In zijn eerste proces-verbaal noteert de officier van de gerechtelijke politie dat de inzittenden tijdens de achtervolging de ruiten zouden hebben ingeslagen met het hoofd van een kind, als een soort 'stormram', en vervolgens zouden hebben gedreigd het kind naar de politiewagens te gooien.

In het eerste proces-verbaal stond dat de inzittenden de ruiten zouden hebben ingeslagen met het hoofd van een kind

De politieleugens vonden al snel hun weg naar de media. Sommige kranten namen de 'stormram'-versie klakkeloos over. Andere berichtten dat Mawda uit het raam werd gehouden toen het busje botste. Het parket van Doornik voedde die verwarring. Op de Franstalige omroep RTBF verklaarde parketwoordvoerder Frédéric Bariseau dat een schot door de politie kon worden uitgesloten.

De waarheid kreeg echter steun uit internationale hoek. In The Guardian meldde een journalist, op basis van getuigenissen van Mawda's ouders - doorverteld via de Koerdische gemeenschap in Grande-Synthe - dat ze door een politiekogel om het leven was gekomen. Pas op vrijdag, toen de druk om een autopsie uit te voeren onhoudbaar werd, erkende het parket dat Mawda door een kogel was getroffen.

Meteen deden nieuwe hypotheses de ronde: misschien kwam de kogel van iemand in de bestelwagen, of zou Mawda zijn getroffen door een 'verdwaalde politiekogel' nadat het busje op agenten was ingereden. Pas op 22 mei, vijf dagen na het schot, bevestigde het parket de feiten: de kogel was afgevuurd door de betrokken politieagent.

Vanaf dat moment kreeg een politiek narratief vorm dat de verantwoordelijkheid wegtrok van de politie en verschoof naar mensensmokkel, om het beleid te vrijwaren en te legitimeren. Zo greep N-VA-voorzitter Bart De Wever op televisie terug naar het vertrouwde karikaturale beeld van de roekeloze 'illegale immigrant' en legde hij de verantwoordelijkheid voor de situatie bij Mawda's ouders.

Veroordeling

Op 30 mei 2018 werd Mawda begraven in Brussel. Meer dan 1.500 mensen namen deel aan een witte mars, georganiseerd door BelRefugees en Dokters van de Wereld, om haar de laatste eer te bewijzen en haar kist te begeleiden. In de maanden daarna, tijdens het gerechtelijk onderzoek, lieten Mawda's ouders via hun advocaten weten dat ze het vertrouwen in het parket van Bergen hadden verloren. Hun oproep voor een parlementaire onderzoekscommissie - gesteund door de breedgedragen campagne #Justice4Mawda - strandde op politieke kleinmoedigheid en onwil.

Op 12 februari 2021, na een gerechtelijke procedure van bijna drie jaar, sprak de correctionele rechtbank van Bergen haar vonnis uit. De politieagent werd schuldig bevonden aan onvrijwillige doodslag en veroordeeld tot één jaar voorwaardelijk en een boete van 400 euro. In beroep werd die straf herleid tot tien maanden voorwaardelijk.

De bestuurder van de bestelwagen kreeg de hoofdverantwoordelijkheid voor Mawda's dood

De bestuurder van de bestelwagen kreeg de hoofdverantwoordelijkheid voor Mawda's dood en werd veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf wegens opzettelijke verkeersbelemmering met dodelijke afloop.

Op 20 februari 2023 werd de Belgische staat alsnog veroordeeld in een zaak van Defence for Children. De rechtbank stelde structurele tekortkomingen vast in de zaak-Mawda en verplichtte betere politieopleiding rond geweld, met aandacht voor de rechten en het hoger belang van kinderen van vluchtelingen.

Ontmenselijking

Er valt veel stil te staan bij deze feiten.

Aan de basis van de zaak-Mawda ligt een diepgaand proces van ontmenselijking. De vele betrokken instellingen en hun vertegenwoordigers maken duidelijk hoe breed dit gewelddadige systeem reikt en hoe diep het verankerd is.

Wanneer een politieagent de trekker overhaalt: op welke mentale constructies steunt dat?

Wie gerechtigheid zoekt, moet daarom ook naar de oorzaken van die ontmenselijking kijken. Wanneer een politieagent de trekker overhaalt: op welke mentale constructies steunt dat - en hoe ontstaan die? En wat met de politieleugens die daarna worden verspreid, en met de velen die ze bewust ondersteunen of gedachteloos overnemen? Welke denkpatronen liggen daaronder?

Mawda's dood maakt zichtbaar hoe het geweld van onze institutionele grenzen - geworteld in kapitalistische, raciale en neokoloniale machtsverhoudingen - mogelijk wordt gemaakt. Binnen de betrokken instellingen wordt die logica geleidelijk geïnternaliseerd, genormaliseerd en uiteindelijk bijna banaal in praktijk gebracht.

Onvoltooid rouwproces

Net als de zaak-Semira Adamu in 1998, heeft de zaak-Mawda intussen een sterke symbolische lading gekregen. Beide belichamen het dodelijke geweld van onze grenzen, dat vandaag verder escaleert door de normalisering van extreemrechtse migratiestandpunten binnen de Arizona-regering, waar de repressie actief wordt opgedreven. De mensenjacht verschuift daarbij naar 'binnenkomstcontroles' - op internationaal bus- en treinverkeer en vluchten binnen Schengen - en schept het precedent dat Frontex zal opereren in Brussel-Zuid en de luchthaven, ondanks haar beruchte ondoorzichtigheid en gebrek aan democratische verantwoording.

Tegelijk steunt Arizona de nieuwe Europese, ICE-achtige terugkeerverordening, die detectie - inclusief huiszoekingen -, detentie en deportatie naar 'terugkeerhubs' buiten de EU mogelijk moet maken. In deze context van opgevoerde, manu militari opsporingsacties blijft dodelijk politiegeweld in België - zoals recent journalistiek onderzoek op initiatief van de Liga voor Mensenrechten aantoont - een diepgewortelde praktijk, waarin de onwil tot rekenschap uitmondt in feitelijke straffeloosheid. Het politieschot dat Mawda doodde, weergalmt nog steeds. Juist daarom is het essentieel dit publieke rouwproces niet af te sluiten of tot het verleden te laten behoren. Wanneer rouw publiek wordt, kan ze de gewone orde verstoren. Ze dwingt ons stil te staan. Ze kan ons doen weigeren, ons laten breken met wat van ons verwacht wordt. Juist daarin schuilt haar politieke kracht.

Wanneer rouw publiek wordt, kan ze de gewone orde verstoren

Dit onvoltooide publieke rouwproces opent een ruimte waarin een samenleving kan oefenen om grenzen ondenkbaar te maken. Dat vraagt om een andere manier van kijken, luisteren en met elkaar omgaan - een heroriëntatie die alleen collectief en publiek geoefend kan worden.

In een publieke collectieve hoorzitting, zoals die in hold on to her wordt geënsceneerd, staan niet alleen feiten en bewijzen centraal. Ook solidariteit, verbondenheid en de bereidheid om werkelijk naar elkaar te luisteren krijgen er een plaats. Dat gezamenlijke luisteren maakt een andere vorm van erkenning mogelijk. Het opent een ruimte waarin onrecht niet alleen juridisch, maar ook menselijk voelbaar wordt. Rechtvaardigheid verschijnt hier niet als een abstract principe, maar als iets dat groeit uit gedeelde aanwezigheid en verantwoordelijkheid.

Mijn woorden zijn mede gedragen door het werk van en uitwisselingen met onder meer Selma Benkhelifa, Michel Bouffioux, Frances Timberlake, Benoit Dhondt, Christophe Callewaert, Rachida Aziz, Pauline Beugnies, Marie-Aurore D'Awans, Thomas Bellinck, Albina Fetahaj, Pascal Gielen, Rachida Brahim en Avery F. Gordon.

 

SAMPOL ONLINE

40€/jaar

  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
Meest gekozen 

SAMPOL COMPLEET

50€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
 

SAMPOL STEUN

100€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
  • Je krijgt een SamPol draagtas*
 

SAMPOL SPONSOR

500€/jaar

  • Je ontvangt het magazine in de bus
  • Je leest het magazine online
  • Je hebt toegang tot het enorme archief
  • Je krijgt een SamPol draagtas*